Goede communicatie in de zorg is onmisbaar. Een patiënt die zich niet gehoord voelt of uitleg krijgt vol ingewikkeld vakjargon, kan onzeker raken en belangrijke informatie missen. Misverstanden kunnen zelfs leiden tot verkeerde behandelingen of gemiste signalen. Dat geldt niet alleen voor het contact tussen arts en patiënt, maar ook voor zorgprofessionals onderling. Leer hier daarom handige gesprekstechnieken voor in de zorg, zodat miscommunicatie geen kans meer krijgt.

Wat komt aan bod?

  1. Waarom zijn goede gesprekstechnieken belangrijk in de zorg?
  2. Welke gespreksvormen vind je in de zorg? Van slecht nieuws tot snelle overdracht
  3. Welke gesprekstechnieken kunnen zorgverleners gebruiken?
  4. Hoe zorg je voor professionele communicatie in de zorg onderling?
  5. Hoe verbeter je de communicatie met patiënten? 8 tips voor patiëntgerichte communicatie
  6. Veelgestelde vragen over gesprekstechnieken in de zorg

Waarom zijn goede gesprekstechnieken belangrijk in de zorg?

Goede communicatie in de zorg is geen luxe, het is noodzaak. Het verschil tussen helder overbrengen en vaag gewauwel kan letterlijk gaan over leven of dood. Zorgverleners die scherp luisteren, duidelijk uitleggen en empathisch reageren, bouwen vertrouwen op bij hun patiënten en voorkomen bovendien fouten en miscommunicatie. Patiënten voelen zich serieus genomen en durven sneller hun zorgen of klachten te delen, wat belangrijk is voor de juiste diagnose en behandeling. En onderling?

Gesprekstechnieken voorbeelden:

  • Actief luisteren
  • Empathie tonen
  • ANNA-gesprekstechniek
  • DIK-gesprekstechniek

Teamleden die helder en respectvol communiceren, werken efficiënter samen, maken minder medische missers en vangen elkaar beter op.

actief luisteren is zeker in de zorg heel belangrijk

Kortom: sterke communicatie is het fundament van een veilige, mensgerichte zorg.

Welke gespreksvormen vind je in de zorg? Van slecht nieuws tot snelle overdracht

In de zorg vind je verschillende gespreksvormen, waarmee je als zorgprofessional veelal te maken krijgt. Iedere gespreksvorm heeft zijn eigen doel en communicatiemodel dat je kunt gebruiken om het gesprek zo efficiënt mogelijk te voeren. Over het algemeen onderscheid je 6 verschillende gespreksvormen in de zorg:

  • Anamnesegesprek: gesprek waarin je informatie verzamelt over de levens- en gezondheidspatronen van een patiënt, zodat een aanpak op maat gerealiseerd kan worden.
  • Probleemverhelderend gesprek: gesprek waarin je de patiënt inzicht geeft in zijn problemen en mogelijke oplossingen hiertegen biedt.
  • Voorlichting: gesprek waarin je duidelijke info aanbiedt, rekening houdend met de behoeften van de patiënt.
  • Slechtnieuwsgesprek: in de zorg moet je soms slecht nieuws overbrengen aan patiënten en familieleden op empathische en ondersteunende wijze.
  • Ontslag: gesprek waarin je de patiënt voorbereidt op het weggaan bij de desbetreffende zorginstelling
  • Gesprekken met je collega’s: gesprekken met andere zorgverleners, zoals functioneringsgesprekken, feedbackmomenten of beoordelingsgesprekken.

Hoe voer je een slechtnieuwsgesprek in de zorg?

Een slechtnieuwsgesprek in de zorg vraagt om duidelijkheid én aandacht voor wat het nieuws met iemand doet. Breng slecht nieuws daarom niet tussen twee afspraken door, maar zorg voor rust, privacy en voldoende tijd. Volg dan deze vijf stappen:

  1. Vertel eerst kort en begrijpelijk wat er aan de hand is. Vermijd vaktaal en draai niet te lang om de boodschap heen.
  2. Geef de patiënt daarna ruimte om te reageren. Stilte is daarbij niet iets wat je meteen hoeft op te vullen. Iemand kan verdrietig worden, dichtklappen, boos reageren of dezelfde vraag meerdere keren stellen.
  3. Luister actief, benoem wat je ziet en erken de emotie: “Ik zie dat dit nieuws hard aankomt.”
  4. Controleer vervolgens wat de patiënt heeft begrepen en geef informatie in kleine stukken.
  5. Bespreek pas daarna wat de vervolgstappen zijn.

Welke gesprekstechnieken kunnen zorgverleners gebruiken?

Naast meerdere gespreksvormen heb je ook meerdere gesprekstechnieken die gesprekken in de zorg makkelijker maken.

Gesprekstechnieken zorg voorbeelden:

  1. LSD
  2. OMA
  3. ANNA
  4. NIVEA
  5. OEN

Al deze gesprekstechnieken komen in principe allemaal neer op actief luisteren, informatie geven, empathie tonen, vragen stellen en goed samenvatten. De vertrouwensband tussen jou als zorgverlener en patiënt is immers de sleutel tot een positieve zorgervaring en positieve behandelresultaten, zoals gezondheidsexpert Gjyn O’Toole ook in het boek Communication: Core Interpersonal Skills for Healthcare Professionals (2025) beschrijft.

1. Gebruik LSD (en nee, ik pleit niet voor de drug)

LSD in de zorg slaat niet op de psychoactieve drug, maar het is een afkorting voor: Luisteren, Samenvatten en Doorvragen. Dit zijn dé basisprincipes voor een goed zorggesprek. Door actief te luisteren verbeter je de kwaliteit van je gesprek en krijg je meer informatie. Bovendien begrijp je de patiënt beter, toon je respect en voorkom je misverstanden.

Hoe zorg je dat een patiënt zich gehoord voelt? Nou, door regelmatig samen te vatten, laat je zien dat je aandachtig naar je patiënt luistert. Je kunt inhoudelijk of op gevoelsniveau samenvatten.

Voorbeeld van een inhoudelijke en gevoelsmatige samenvatting:

  • “Je ervaart dus pijn als gevolg van een val?” (inhoudelijk)
  • “Je bent boos, omdat je huisarts je niet doorstuurde om foto’s te laten maken na je valpartij?” (gevoel)

De D in LSD staat als laatste voor Doorvragen. Door goede vragen te stellen, nodig je uit tot een volledigere weergave van de situatie. Kort gezegd: je patiënt zal zich meer openstellen en meer vertellen.

Voorbeeld LSD-gesprek in de zorg:

  • Patiënt: “Ik heb het gevoel dat er niet echt naar me geluisterd wordt. Ik zeg steeds dat ik pijn heb, maar er gebeurt niks.”
  • Jij: “Ik hoor dat u zich niet gehoord voelt. U geeft aan dat u al meerdere keren heeft verteld dat u pijn ervaart, maar dat daar volgens u weinig mee gedaan wordt. Klopt dat?”
  • Patiënt: “Ja, dat klopt helemaal.”
  • Jij: “Welnu, waar precies voelt u die pijn? En wanneer is dat begonnen? Wat kan ik voor u hierin betekenen?”

2. OMA blijft thuis

Hè? Oma blijft thuis? Maar voor haar maak ik de afspraak juist! Nee, nee, die oma mag mee. De acronym OMA mag echter achterwege gelaten worden. OMA is namelijk een afkorting voor Opinies, Meningen en Adviezen. Probeer als zorgverlener de patiënt niet te beoordelen, maar gewoon aandachtig te luisteren. Laat je eigen mening ook varen en probeer het probleem te begrijpen vanuit de patiënt. Geef niet meteen adviezen, maar stimuleer de patiënt om zelf vragen te stellen en zo tot oplossingen te komen.

Voorbeeld van een zorggesprek met OMA; zo moet het dus NIET

  • Patiënt: “Ik weet niet of ik die operatie wel wil. Ik vertrouw het gewoon niet helemaal.”
  • Jij met je OMA: “Voor die kleine operatie hoeft u toch helemaal niet bang te zijn? (Oordeel) Ik vind dat u het gewoon moet ondergaan. (Mening) Het is voor uw situatie aan te raden en de beste optie.” (Advies)

Voorbeeld gesprekstechnieken zonder OMA:

  • Patiënt: “Ik weet niet of ik die operatie wel wil. Ik vertrouw het gewoon niet helemaal.”
  • Jij zonder OMA: “Wat vervelend dat u zich zo voelt. Waarin kan ik u nog helpen? Wilt u me vertellen waar u nog twijfels over heeft?”

3. Neem ANNA mee

Ook ANNA is een bekende gesprekstechniek in de zorg en staat voor Alles Navragen, Niets Aannemen. Dit betekent dat je niet alleen goed en aandachtig moet luisteren, maar je moet zaken ook verifiëren en niet zo maar klakkeloos aannemen. Bovendien moet je altijd nalopen of je zaken goed begrepen hebt om latere misverstanden te voorkomen.

Voorbeeld ANNA:
Je hebt net je patiënt slecht nieuws moeten brengen en deze mevrouw blijft erg stil na het gesprek.

  • Daarom vraag je: “U bent wat stil sinds het gesprek. Heeft u nog vragen voor me of snapt u alles wat ik u verteld heb?”
  • De patiënt twijfelt zichtbaar en de aarzeling in haar stem is waarneembaar, als ze zegt: “Ik snap het wel zo ongeveer…”
  • “Wat denkt u dat er precies gezegd is? Begrijpt u wat dit voor u inhoudt concreet?”
  • “Nou ja, ik dacht dat ik misschien niet meer geopereerd kan worden?”
  • “Goed dat u het aangeeft. De arts zei juist dat u wél in aanmerking komt, maar dat het belangrijk is dat u eerst aansterkt. Zullen we het stappenplan nogmaals samen even doornemen?”

4. NIVEA smeren

Nivea is een bekend beautymerk, maar in de zorg draagt NIVEA een andere betekenis. NIVEA is namelijk de afkorting voor: Niet Invullen Voor Een Ander. Deze communicatietechniek helpt je om niet te snel te interpreteren wat je patiënt bedoelt, maar door actief te luisteren en vragen te stellen tot conclusies te komen.

Voorbeeld gesprekstechnieken in de zorg zonder NIVEA:

  • Je patiënt zegt kortaf: “Ik weet nog niet of ik die behandeling wel wil.”
  • Jij: “U bent vast bang voor nieuwe bijwerkingen.”

Reageer liever: “Wat maakt dat u twijfelt?”

Open vragen stellen doe je volgens communicatie-expert, Maggs Rippen, zo:

5. Wees een OEN (nee, ik ga niet schelden)

OEN in de zorg is geen scheldwoord, tenzij je jouw patiënt natuurlijk ergens op de afdeling kwijt bent geraakt. De OEN gesprekstechniek staat voor Open, Eerlijk en Nieuwsgierig gedrag. Door deze gesprekstechniek in de zorg te gebruiken, neem je altijd een oprechte houding aan in welke gespreksvorm dan ook.

Voorbeeld OEN in de zorg:

  • Patiënt: “Ik neem die pillen niet meer. Klaar.”
  • Jij: “Oké, ik hoor dat u daar een duidelijke keuze in maakt. Mag ik vragen wat u daartoe heeft besloten?”
  • Patiënt: “Ik voel me er niet beter door, alleen maar suf.”
  • Jij: “Fijn dat u dat eerlijk zegt. Zullen we samen kijken naar alternatieven?”

Hoe zorg je voor professionele communicatie in de zorg onderling?

Voor een soepele samenwerking in de zorg kun je niet om communicatie heen. Je zult als zorgverlener altijd met elkaar in gesprek moeten gaan om op één lijn te zitten, irritaties te voorkomen en tot betere resultaten te komen. Dit zijn mijn gesprekstips voor communicatie met andere zorgverleners:

  1. Luister goed naar elkaar.
  2. Houd elkaar op de hoogte van wat er speelt en waar je mee bezig bent, zeker als je samen bij een patiënt betrokken bent.
  3. Communiceer to the point. Voorkom te lange vergaderingen en bedenk van tevoren wat je wilt zeggen. Schrijf het desnoods op en kom direct tot de kern.
  4. Kies het juiste communicatiemiddel voor de boodschap.
  5. Laat ruimte voor elkaars ideeën. Laat de ander zijn verhaal doen en kets het idee of de mening niet meteen af.
  6. Vraag door. Blijf vragen stellen totdat je het volledig begrijpt.
  7. Neem de regie over het gesprek als iemand nogal afdwaalt of als je tot nu toe niet hebt kunnen zeggen wat jij wilde zeggen.
    agressief
  8. Praat over onzekerheden of twijfels. Vaak levert het alleen maar waardering op als je open bent en het biedt je ook nog kansen om dingen te leren.
  9. Let ook op je non-verbale communicatie. Zorg ervoor dat die in lijn is met wat je zegt.
  10. Wees duidelijk in wat je zegt. Geef voorbeelden, vermijd twijfeltaal en zorg ervoor dat de ander het snapt en er iets mee kan.
  11. Neem dingen niet te persoonlijk. Als een ander het vervelend vindt dat jij een taak niet kunt oppakken, zegt dat niet meteen iets over jou als persoon.
  12. Vraag zelf ook om hulp en wacht niet tot een ander het inziet.

Hoe verbeter je de communicatie met patiënten? 8 tips voor patiëntgerichte communicatie

Naast dat je samenwerkt met collega’s, werk je als zorgprofessional ook samen met patiënten. Misschien heb je regelmatig patiëntgesprekken op de planning staan. Die wil je natuurlijk zo goed en empathisch mogelijk voeren. Deze 8 gesprekstips helpen om die gesprekken soepel te laten verlopen, zelfs als je (helaas) slecht nieuws te brengen hebt:

  1. Neem de tijd voor een gesprek.
  2. Wees helder.
  3. Get to the point.
  4. Stel je begripvol op.
  5. Stel vragen.
  6. Overspoel patiënten niet direct met informatie.
  7. Luister actief.
  8. Spreek affirmaties hardop uit voordat je een lastig gesprek ingaat.

1. Neem de tijd voor een gesprek

Reserveer ruim de tijd voor patiëntgesprekken, zodat er ruimte is om vragen te stellen of om de patiënt zijn verhaal te doen. Zeker bij slechtnieuwsgesprekken of als het om belangrijke keuzes gaat, is dit belangrijk.

2. Wees helder

Spreek in begrijpelijke taal. Voorkom lastig medisch jargon en verval ook niet in details die voor de patiënt niet belangrijk zijn. Beschrijf in Jip-en-Janneke-taal wat er aan de hand is, wat de consequenties zijn en welke behandelopties er zijn.

Voorbeeld:
Jij moet een patiënt uitleggen dat hij een slaapapneu heeft: “Tijdens uw slaap stopt u soms even met ademhalen en dat gebeurt vaker dan gezond is. Daardoor kan uw lichaam ’s nachts niet goed herstellen, wat verklaart waarom u overdag zo moe bent.”

3. Get to the point (hoe moeilijk ook)

Draai bij slechtnieuwsgesprekken niet om het slechte nieuws heen. Kom, hoe moeilijk ook, snel tot de minder positieve kern. Uit onderzoek blijkt dat de boodschap dan het beste overkomt en dat het voor patiënten ook prettiger is als je het niet heel uitgebreid inleidt.

Voorbeeld:
“Meneer Bakker, ik heb de uitslag van de scan bekeken, en ik wil u meteen eerlijk zeggen: we hebben een kwaadaardige tumor gevonden in uw long. Dat is heftig nieuws. We gaan echter samen kijken wat de mogelijkheden zijn voor behandeling. U staat daar niet alleen in.”

Dit bericht op Instagram bekijken

Een bericht gedeeld door Tijdwinst.com (@tijdwinst)

4. Stel je begripvol op

Toon empathie voor de reactie van de patiënt. Dat betekent niet dat je gaat meehuilen of voelt wat de patiënt ook voelt. Wel betekent het dat je aangeeft zijn of haar emoties te begrijpen en daar ruimte voor laat in het gesprek.

Voorbeeld:
“Mevrouw Dickens, ik heb de uitslagen van het onderzoek hier voor me en ik moet u helaas vertellen dat het niet goed is. We hebben op de scan gezien dat het om borstkanker gaat. Ik zie dat het nieuws binnenkomt. Neem gerust even de tijd. U hoeft nu nog niets te zeggen of te beslissen. Als u er klaar voor bent, leg ik rustig uit wat we weten, wat de volgende stappen kunnen zijn en hoe we u hierin kunnen ondersteunen. Maar we doen het op uw tempo.”

5. Vragen stellen

Geef de tijd om vragen te stellen. Vraag ook wat de boodschap met de patiënt doet. Dan kun je daarop inspelen. Merk je dat de patiënt met zijn mond vol tanden staat? Laat dan weten dat hij of zij ook later contact met je kan opnemen bij vragen.

Voorbeeld:

  • Jij: “Mevrouw Hazelma… mag ik vragen wat dit bericht met u doet, zo op dit moment?”
  • Mevrouw Hazelma: “Het voelt alsof de grond onder me wegzakt. Ik dacht dat het iets kleins zou zijn.”
  • Jij: “U krijgt dit onverwachts en dat is ontzettend veel om in één keer te verwerken. Zijn er op dit moment dingen wat u wilt weten?”
  • Mevrouw Hazelma: “Ik weet het even niet meer.”
  • Jij: “Heel begrijpelijk. Als er vragen zijn, dan kunt u me altijd mailen of bellen.”

6. System overload

Overspoel patiënten niet direct met informatie. Als je net een moeilijke boodschap hebt overgebracht, is het voor patiënten lastig om direct aandacht te hebben voor alle informatie die je gaat delen. Ze zitten nog vol in hun emoties. Doseer de informatie daarom en houd het bij de kern. Het helpt ook als je de informatie op papier zet. Of raad de patiënt aan om het gesprek op te nemen. Dan kan iemand het later terugluisteren.

7. Goed luisteren

Luister naar wat de patiënt wil vertellen. Luister actief. Dat geeft de patiënt het gevoel gehoord te worden.

8. De kracht van affirmaties

Spreek affirmaties hardop uit voordat je een lastig gesprek ingaat. Dat kan je helpen om te aarden en het gesprek rustiger te starten.

Beter leren communiceren? Een communicatietraining helpt!

Beter communiceren in de zorg begint niet alleen met weten wat je wilt zeggen, maar vooral met weten hoe je een gesprek voert. Tijdens de eendaagse cursus Gesprekstechnieken van Tijdwinst.com maak je kennis met verschillende gesprekstechnieken die je direct kunt inzetten in contact met patiënten, familieleden en collega’s. Je leert open vragen stellen, beter luisteren en bewuster omgaan met non-verbale signalen. Want je woorden kunnen nog zo zorgvuldig gekozen zijn, als je houding iets anders uitstraalt komt de boodschap alsnog verkeerd aan.

review tijdwinst van cursus gesprekstechnieken

De theorie blijft bovendien niet lang alleen op papier staan. Je oefent meteen met herkenbare praktijksituaties, zodat je ontdekt wat werkt en wat je in een volgend gesprek anders kunt aanpakken. Zo wordt helder en prettig communiceren steeds minder iets waar je over hoeft na te denken en steeds meer iets wat vanzelf gaat. Meld je daarom snel aan en til je communicatie direct naar een hoger niveau.

Conclusie: goede communicatie is dus goede samenwerking en goede zorg!

Goede communicatie in de zorg draait om veel meer dan vriendelijk uitleggen wat er aan de hand is. Je moet goed luisteren, helder formuleren, controleren of je elkaar begrijpt en ruimte geven aan emoties en vragen. Dat geldt in gesprekken met patiënten net zo goed als in de samenwerking met collega’s. Juist wanneer de werkdruk hoog is of het gesprek lastig wordt, helpen vaste gesprekstechnieken om misverstanden te voorkomen en vertrouwen te behouden.

De belangrijkste gesprekstechnieken uit dit artikel op een rij:

  • Gebruik LSD: luister actief, vat samen en vraag door.
  • Laat OMA thuis: voorkom dat je te snel oordeelt, je mening geeft of met advies komt.
  • Neem ANNA mee: vraag altijd na en neem niets zomaar aan.
  • Smeer NIVEA: vul niet voor een ander in wat diegene denkt, voelt of bedoelt.
  • Wees een OEN: blijf open, eerlijk en nieuwsgierig.

Je hoeft daarvoor echt niet ieder gesprek volgens een strak script af te werken. Begin eens met één simpele gewoonte: vul minder in en vraag vaker na wat iemand precies bedoelt. Dat kleine verschil kan ervoor zorgen dat een patiënt zich beter gehoord voelt, een collega sneller begrijpt wat nodig is en belangrijke informatie niet tussen wal en schip belandt. Uiteindelijk is beter communiceren geen extra taak naast goede zorg; het ís goede zorg.

Natasja Bartholomé,
High performance blogger

Meer weten over communiceren in de zorg?

Over het algemeen is Instagram niet je grootste productiviteitsbooster. Maar wel als je doorklikt naar de social media accounts van tijdwinst. Op Instagram delen we namelijk dagelijks praktische tips om productief te werken, effectief te communiceren, krachtige feedback te geven en meer uit jezelf, je werk en samenwerkingen te halen. Natuurlijk kun je ons ook volgen op andere platforms, zoals LinkedIn en Pinterest. Of schrijf je direct in voor onze nieuwsbrief, zodat je de nieuwste artikelen ieder week in je mailbox ontvangt.

Bovendien heeft tijdwinst.com directeur, Björn Deusings, ook twee boeken uitgegeven: Elke Dag om 15.00 Uur Klaar en Full Focus op wat echt belangrijk is.

Ben je eerder een kijker? Wekelijks zenden we ook onze Tijdwinst Podcast uit, boordevol met handige, toepasbare tips op het gebied van slimmer werken.

Meer weten? Lees verder

Veelgestelde vragen over gesprekstechnieken in de zorg

  • Hoe communiceer je met een patiënt die medische informatie moeilijk begrijpt?

    Als een patiënt medische informatie moeilijk begrijpt, draait goede communicatie vooral om eenvoud, herhaling en controle van begrip. En dat doe je zo volgens mij:

    • Gebruik gewone woorden. Zeg bijvoorbeeld “hoge bloeddruk” in plaats van “hypertensie”.
    • Geef informatie in kleine stappen. Behandel één onderwerp tegelijk en bouw daarna verder.
    • Maak het concreet. Gebruik voorbeelden uit het dagelijks leven: “Neem deze tablet bij het ontbijt” is duidelijker dan “eenmaal daags innemen”.
    • Gebruik visuele ondersteuning. Denk aan afbeeldingen, pictogrammen, een eenvoudig schema of een medicatieoverzicht.
    • Stel open vragen. Vraag niet alleen: “Begrijpt u het?” Veel patiënten zullen dan automatisch ja zeggen.
    • Gebruik de teach-backmethode. Vraag bijvoorbeeld: “Kunt u in uw eigen woorden vertellen wat u straks thuis gaat doen?” Zo controleer je of jouw uitleg duidelijk genoeg was.
    • Herhaal de belangrijkste boodschap.
    • Geef informatie ook schriftelijk mee in eenvoudige taal.
    • Let op non-verbale signalen.
    • Neem de tijd voor vragen.

    Belangrijk is dat je het probleem niet bij de patiënt legt. In plaats van te denken: “Deze patiënt begrijpt het niet” kun je jezelf beter afvragen: “Heb ik het duidelijk genoeg uitgelegd?”

  • Hoe ga je om met emotionele familieleden van een patiënt?

    Bij emotionele familieleden van een patiënt helpt het om eerst de emotie te erkennen voordat je inhoudelijk gaat uitleggen. Iemand die bang, boos of overstuur is, neemt medische informatie vaak maar beperkt op. Ga zo te werk:

    • Blijf rustig en spreek langzaam. Jouw toon heeft direct invloed op de spanning in het gesprek.
    • Benoem wat je ziet. Bijvoorbeeld: “Ik merk dat dit veel met u doet”.
    • Laat iemand eerst zijn verhaal doen. Onderbreek niet te snel met uitleg of oplossingen.
    • Geef daarna duidelijke informatie. Houd het kort, concreet en vermijd medisch jargon.
    • Wees eerlijk over wat je wel en niet weet. Valse geruststelling helpt niemand.
    • Stel grenzen bij agressief gedrag. Emoties mogen er zijn, schelden, bedreigen of intimideren hoeft niet geaccepteerd te worden.
    • Vat het gesprek samen. Benoem wat is besproken, wat de vervolgstappen zijn en bij wie de familie terechtkan met nieuwe vragen.
    • Houd rekening met privacy. Familieleden hebben niet automatisch recht op alle medische informatie.
  • Hoe werkt motiverende gespreksvoering in de zorg?

    Wat is motiverende gespreksvoering? Motiverende gespreksvoering in de zorg, vaak aangeduid als MVG of met de Engelse afkorting MI voor Motivational Interviewing, is een manier van communiceren waarbij je de ander stimuleert om zelf te ontdekken waarom verandering wenselijk is en hoeveel vertrouwen diegene heeft om dat gedrag daadwerkelijk aan te passen. En zo pas je motiverende gespreksvoering toe: stel ten eerste vragen waarop de ander niet alleen met ja of nee kan antwoorden. Motiverende Gespreksvoering voorbeeldvragen zijn bijvoorbeeld: “Hoe belangrijk is het voor u om hier iets aan te veranderen?” of “Als 0 helemaal niet belangrijk is en 10 heel belangrijk, welk cijfer geeft u het dan?”
    Geef vervolgens echt aandacht aan wat er wordt gezegd. Benoem de stappen die al de goede kant op gaan. Geef onderweg kort terug wat je hebt gehoord. Stimuleer ten slotte uitspraken die laten zien dat de ander zelf wil veranderen.

  • Hoe voorkom je miscommunicatie tijdens een medische overdracht?

    Miscommunicatie tijdens een medische overdracht voorkom je vooral door informatie kort, duidelijk en gestructureerd over te dragen. Benoem tijdens de communicatie bij een medische overdracht ten eerste wat er met de patiënt aan de hand is, welke veranderingen zijn opgevallen, welke behandeling loopt en waar de volgende zorgverlener extra alert op moet zijn. Werk bij voorkeur met een vaste overdrachtsmethode, zoals SBAR (Situatie, Background, Assessment en Recommendation), zodat belangrijke informatie niet tussen wal en schip valt. Geef daarnaast ruimte voor vragen, controleer of de ander de boodschap goed heeft begrepen en leg belangrijke afspraken vast. Ga er dus niet vanuit dat iets “wel duidelijk zal zijn”. Juist in een drukke zorgomgeving kan één ontbrekend detail grote gevolgen hebben.

  • Hoe ga je als zorgverlener om met boos of agressief gedrag?

    Als zorgverlener is het belangrijk om boos of agressief gedrag serieus te nemen zonder zelf in de verdediging te schieten. Boosheid ontstaat vaak uit angst, pijn, frustratie of het gevoel geen controle te hebben. Dat betekent niet dat je agressie moet accepteren, maar wel dat je eerst probeert te begrijpen wat erachter zit. Blijf daarom rustig, spreek langzaam en houd je stem laag. Geef de ander ruimte om te vertellen wat er speelt en benoem wat je ziet. Alleen al erkennen dat iemand boos is, kan de spanning verminderen.

    Tegelijkertijd stel je duidelijke grenzen. Maak onderscheid tussen emotie en gedrag. Iemand mag boos zijn, maar schelden, bedreigen of fysiek agressief worden is niet acceptabel. Je kunt bijvoorbeeld zeggen: “Ik wil graag met u zoeken naar een oplossing, maar ik kan dat alleen als we rustig met elkaar praten.” Let daarnaast op je eigen veiligheid. Houd voldoende afstand, zorg dat je niet wordt ingesloten en blijf waar mogelijk in de buurt van collega’s. Voel je je bedreigd of loopt de spanning verder op? Schakel dan hulp in en volg het agressieprotocol van je organisatie.

  • Hoe communiceer je met iemand met dementie?

    Communiceren met iemand met dementie vraagt vooral om rust, eenvoud en aandacht. Door dementie kan iemand woorden minder goed begrijpen, informatie sneller vergeten of moeite hebben om een gesprek te volgen. De manier waarop je iets zegt, wordt daardoor minstens zo belangrijk als de inhoud. Volg deze richtlijnen:

    • Maak eerst contact. Noem iemands naam, maak oogcontact en zorg dat je op gelijke hoogte zit.
    • Praat rustig en duidelijk. Gebruik korte zinnen en bespreek één onderwerp tegelijk.
    • Stel eenvoudige vragen.
    • Geef tijd om te reageren. Vul stiltes niet meteen op. Het verwerken van een vraag kan langer duren.
    • Vermijd corrigeren en discussiëren.
    • Erken het gevoel achter de woorden.
    • Gebruik non-verbale communicatie.
    • Beperk prikkels.
  • Welke soorten gesprekstechnieken zijn er?

    Er zijn 6 bekende gesprekstechnieken: LSD, ANNA, NIVEA, OMA, OEN en DIK

  • Wat zijn 6 communicatietechnieken?

    De 6 communicatietechnieken zijn:

    • Actief luisteren
    • Assertief communiceren
    • Samenvatten en parafraseren
    • Non-verbaal communiceren
    • Open vragen stellen
    • Feedback geven
  • Wat zijn de 4 A’s van de gesprekstechniek?

    De 4 A’s slaan op de basishouding die je moet aannemen bij lastige gesprekken: Aandacht, Acceptatie, Aansluiting en Authenticiteit.

  • Hoe kun je actief luisteren in de zorg?

    Actief luisteren in de zorg betekent dat je niet alleen hoort wat een patiënt zegt, maar ook probeert te begrijpen wat er achter die woorden zit. Geef iemand de ruimte om zijn verhaal te doen, stel open vragen en vat regelmatig samen wat je hebt gehoord. Zo controleer je of je de ander goed begrijpt en voorkom je dat belangrijke informatie verloren gaat. Let daarbij ook op stiltes, lichaamstaal en emoties.

  • Hoe kun je omgaan met emoties in de zorg?

    Emoties horen bij zorggesprekken. Verdriet, rouw, angst en teleurstelling laten zich nu eenmaal niet netjes parkeren tot het consult voorbij is. Probeer zulke emoties daarom niet meteen op te lossen. Geef de ander eerst ruimte om te vertellen wat er speelt, luister zonder te onderbreken en benoem wat je waarneemt. Een eenvoudige zin als ‘Ik zie dat dit u raakt’ kan al helpen. Blijf rustig, toon begrip en stel open vragen als dat passend voelt. Soms heeft iemand behoefte aan uitleg, soms aan stilte en soms vooral aan erkenning. Vul dat niet te snel voor de ander in.

  • Hoe ga je om met cultuur- en taalverschillen in gesprekken?

    Cultuur- en taalverschillen kunnen gesprekken in de zorg ingewikkeld maken. Toch hoeft het geen obstakel te zijn, zolang je weet hoe je het benadert met respect én regie. Laat je eigen aannames en oordelen thuis (weet je nog die OMA?), wees geïnteresseerd in de achtergrond van je patiënt met het oog op de behandeling, kies ervoor een professionele tolk in te huren, gebruik universele gebaren of maak eventueel tekeningen van het gezegde. Het belangrijkste is dat je respect hebt voor cultuurverschillen, maar de zorgkwaliteit die je kunt bieden mag hier niet onder lijden.

  • Wat zijn geschikte gesprekstechnieken voor een verpleegkundige?

    Veelgebruikte gesprekstechnieken voor verpleegkundigen zijn:

    • LSD
    • OMA
    • NIVEA
    • ANNA
    • OEN
    • DIK

    Houd altijd voor ogen dat een patiënt niet mag doorhebben dat je maar wat trucjes toepast, want anders voelt hij zich niet serieus genomen en alsnog ongehoord.

Wie zijn wij? | tijdwinst.com

Bij Tijdwinst helpen we professionals in heel Nederland om slimmer (samen) te werken. Met trainingen in onder meer timemanagement, gesprekstechnieken en feedback helpen we mensen om meer uit zichzelf, uit hun werk en uit hun samenwerkingen te halen. Onze trainingen zijn altijd praktisch ingestoken en interactief. De trainingen zijn zowel online als op locaties in heel Nederland te volgen.

Ben je nieuwsgierig naar ons trainingsaanbod of onze andere artikelen? Lees verder op onze websites of meld je direct aan voor een training.